Betrekkelijke voornaamwoorden zoals who, which en that verwijzen naar een eerder genoemd onderwerp of voorwerp in de zin. Ze helpen ons meer informatie te geven over die personen of dingen zonder een nieuwe zin te starten. Maar hoe weet je nu welk woord je wanneer gebruikt?
De keuze tussen who, which en that hangt af van waar je naar verwijst en soms van de stijl van de zin. Hier zijn de basisregels:
Elk van deze voornaamwoorden helpt de zinnen vloeiender en informatiever te maken zonder te veel herhaling.
Door deze regels en tips toe te passen, kun je je Engelse zinnen nauwkeuriger en natuurlijker maken!
Met meer dan 22 jaar aan ervaring, weten we hoe lastig het kan zijn om in je eentje dit onderwerp onder controle te krijgen, laat ons jou helpen door je te koppelen aan een bijlesdocent. Meer dan 50.000 leerlingen gingen je al voor!
Klaar om het zelf te proberen? Hieronder oefen je meteen met dit onderwerp:
Wil je meer oefenen? Ga naar de leeromgeving. Kom je er niet uit? Bij bijles engels leggen onze docenten het rustig met je door. Zie ook: onregelmatige werkwoorden (engels). present continuous.
Bekijk ook deze video-uitleg:
Deze content is gebaseerd op de oefenstof die is gemaakt door studenten die zich in het netwerk bevinden van StudentsPlus. Deze studenten studeren aan de lerarenopleiding of zijn al afgestudeerd docent. Uiteraard is de oefenstof gecheckt door andere studenten en is er ook een check geweest op correct Nederlands.
Onze bijlesgevers zijn zeer gemotiveerd en zorgvuldig geselecteerd.
Al meer dan tienduizenden leerlingen geholpen in heel Nederland.
Een gratis online platform met duizenden oefenopgaven.