Rekenen met kommagetallen gaat bijna hetzelfde als rekenen met hele getallen. Het belangrijkste is dat je goed bijhoudt waar de komma staat: bij optellen en aftrekken zet je de komma's onder elkaar, bij vermenigvuldigen tel je de cijfers achter de komma.
Zet de getallen zo onder elkaar dat de komma's precies onder elkaar staan. Vul lege plekken aan met een 0, dan wordt het overzichtelijk.
Reken eerst zonder komma's. Tel daarna hoeveel cijfers er in totaal achter de komma stonden en zet de komma op die plek terug.
Moet je afronden op twee cijfers achter de komma, kijk dan naar het derde cijfer. Is dat 5 of hoger, dan gaat het tweede cijfer één omhoog. Is het lager dan 5, dan blijft het tweede cijfer staan.
Met meer dan 22 jaar aan ervaring, weten we hoe lastig het kan zijn om in je eentje dit onderwerp onder controle te krijgen, laat ons jou helpen door je te koppelen aan een bijlesdocent. Meer dan 50.000 leerlingen gingen je al voor!
Klaar om het zelf te proberen? Hieronder oefen je meteen met dit onderwerp:
Wil je meer oefenen? Ga naar de leeromgeving. Kom je er niet uit? Bij bijles rekenen leggen onze docenten het rustig met je door. Zie ook: rekenen met geld. procenten berekenen.
Bekijk ook deze video-uitleg:
Deze content is gebaseerd op de oefenstof die is gemaakt door studenten die zich in het netwerk bevinden van StudentsPlus. Deze studenten studeren aan de lerarenopleiding of zijn al afgestudeerd docent. Uiteraard is de oefenstof gecheckt door andere studenten en is er ook een check geweest op correct Nederlands.
Onze bijlesgevers zijn zeer gemotiveerd en zorgvuldig geselecteerd.
Al meer dan tienduizenden leerlingen geholpen in heel Nederland.
Wij gaan direct en gratis op zoek naar een vervangende!