De tegenwoordige tijd gebruik je om aan te geven wat er nu gebeurt. Elk werkwoord in een zin toont een actie of staat, en hoe je deze werkwoorden schrijft, hangt af van het onderwerp en de tijd van de handeling.
Vervoegen betekent dat je het werkwoord aanpast aan het onderwerp van de zin. Je verandert de vorm van het werkwoord zodat duidelijk is wie de actie uitvoert en wanneer dit gebeurt.
Door regelmatig te oefenen met deze regels, zul je merken dat het vervoegen van werkwoorden in de tegenwoordige tijd snel gemakkelijker wordt!
Met meer dan 22 jaar aan ervaring, weten we hoe lastig het kan zijn om in je eentje dit onderwerp onder controle te krijgen, laat ons jou helpen door je te koppelen aan een bijlesdocent. Meer dan 50.000 leerlingen gingen je al voor!
Klaar om het zelf te proberen? Hieronder oefen je meteen met dit onderwerp:
Wil je meer oefenen? Ga naar de leeromgeving. Kom je er niet uit? Bij bijles taal leggen onze docenten het rustig met je door.
Bekijk ook de uitleg van docent Menno:
Deze content is gebaseerd op de oefenstof die is gemaakt door studenten die zich in het netwerk bevinden van StudentsPlus. Deze studenten studeren aan de lerarenopleiding of zijn al afgestudeerd docent. Uiteraard is de oefenstof gecheckt door andere studenten en is er ook een check geweest op correct Nederlands.
Al meer dan tienduizenden leerlingen geholpen in heel Nederland.
Onze bijlesgevers zijn zeer gemotiveerd en zorgvuldig geselecteerd.
Wij gaan direct en gratis op zoek naar een vervangende!