Titratie is een veelgebruikte methode in de scheikunde om de concentratie van een onbekende oplossing te bepalen door deze te laten reageren met een oplossing van bekende concentratie. Hieronder wordt deze methode stapsgewijs uitgelegd aan de hand van twee concrete voorbeelden.
Een experiment vereist dat 250 ml van een 0,250 molair fosfaatzuuroplossing reageert met een oplossing van natriumfluoride. Om te berekenen wat de minimale concentratie van natriumfluoride moet zijn, volg je deze stappen:
De minimale concentratie van natriumfluoride moet dus 0,179 M zijn om al het fosfaatzuur te neutraliseren.
We titreren 100 ml waterstofbromide met een natronloogoplossing van 0,25 M. Er is 25 ml van de natronloog nodig om het equivalentiepunt te bereiken. Hier is hoe je de initiële pH van de waterstofbromideoplossing kunt bepalen:
Dus, de initiële pH van de waterstofbromideoplossing was ongeveer 1,2.
Met meer dan 22 jaar aan ervaring, weten we hoe lastig het kan zijn om in je eentje dit onderwerp onder controle te krijgen, laat ons jou helpen door je te koppelen aan een bijlesdocent. Meer dan 50.000 leerlingen gingen je al voor!
Klaar om het zelf te proberen? Hieronder oefen je meteen met dit onderwerp:
Wil je meer oefenen? Ga naar de leeromgeving. Kom je er niet uit? Bij bijles scheikunde leggen onze docenten het rustig met je door. Zie ook: molverhoudingen. ph berekenen.
Bekijk ook de uitleg van docent Menno:
Deze content is gebaseerd op de oefenstof die is gemaakt door studenten die zich in het netwerk bevinden van StudentsPlus. Deze studenten studeren aan de lerarenopleiding of zijn al afgestudeerd docent. Uiteraard is de oefenstof gecheckt door andere studenten en is er ook een check geweest op correct Nederlands.
Al meer dan tienduizenden leerlingen geholpen in heel Nederland.
Een gratis online platform met duizenden oefenopgaven.
Wij gaan direct en gratis op zoek naar een vervangende!